Allé seg, krijgt dat verkocht….

Beste bloglezers daar in België

 Jullie gaan zich de komende dagen misschien net als ik een beetje in de cadeaukesrace moeten begeven. Om die kwelling te verlichten, wil ik alvast enkele suggesties aanreiken, waarmee u zich een trendsetter kan tonen onder vrienden en familie. Gebaseerd op mijn eigen shopavonturen gespreid over de voorbije weken lever ik u hier zo meteen maar even een hitparade van wat dezer dagen HOT is in de VS. Van elk van deze geschenken ben ik innig overtuigd dat ze met de op handen zijnde sneeuwstormen ook wel mee de overtocht over de Atlantische Oceaan zullen maken en allengs in België zullen aankomen. Ik steek meteen van wal, want ik heb u veel te vertellen in dit bericht.

 Op nummer 10, een cadeau dat overal wordt omschreven als het ideale hebbeding voor de man: de “home lager brewery”. Blijkbaar hét meest populaire geschenk voor vele vaders die met deze minibrouwerij hun bierbrouw-kwaliteiten kunnen botvieren. Mij lijkt het niet appetijtelijk en ik zou er ernstig aan twijfelen zelfs maar eens te ruiken aan dit schrale “plastiekenvatjes-bier” en ik denk dat de meeste Belgen er zo over gaan denken. We zijn beter gewoon dan Heineken en dit soort aanverwanten. Gelukkig verschillen smaken zeker? Slecht nieuws dus voor de Nederlanders en voor Aldi dat hiermee een geduchte concurrent voor de Cara-pils krijgt.

huisbrouwerijtje: dit gaat er bij belgen nooit in, denk ik dan...

Op nummer 9 van de cadeauhitparade iets voor zoetebekken en keukenprins(ess)en. U kent wellicht al wel de cupcakes, en als dat niet het geval is, dan zal dat niet lang meer duren. Want ze komen eraan. Daar ze er hier bijna mee naar uwe kop smijten daar ze zo goed als op elke hoek te verkrijgen zijn, kan u ervan op aan dat volgend jaar ook in Europa cupcakes worden gevreten. Cupcakes zijn van die gebakjes in zo een geribbeld papiertje dat je eraf moet halen voor het opeten. Bijzonder is wat ik “de bovenbouw” zou noemen want de cake die de basis vormt is op zich niet zo bijzonder. Maar de bovenbouw is des te specialer. Allerlei smaakjes en kleurtjes, meestal in zeemzoete pasteltintjes: t ziet er allemaal spectaculairder uit, dan het smaakt als u het mij vraagt. Maar het lijdt geen twijfel dat Vlaanderen ook plat zal gaan voor de cupcake. En daarom alvast een eerste cadeautip: deze cupcake kit. Hiermee kan u niet fout gaan.

de cupcakes...

Nummer 8, is persoonlijk een van mijn grootste ontdekkingen tijdens mijn cadeaujacht, omdat ik het niet voor mogelijk hield. Jullie kunnen zich niet voorstellen hoeveel mensen een mechanische hond kopen. Nu heeft zo’n elektrisch “beest” op zich wel enkele voordelen. Dat stinkt niet, doet zijn gevoeg niet, kwijlt niet, eet niet. Blaffen doet ie wel. Wat je met zo’n ding doet, is mij een raadsel, maar dat schijnt vele Amerikanen niet te deren. Er zijn overigens verschillende types. Kijkt u maar even of er niks tussenzit voor u of uw dierbaren. Als zoon van een dierenarts kan ik er echter niet anders dan ronduit tegen zijn.

ne groten hond

ne kleinen hond...

Nummer 7 vond ik ook zooooooo geweldig. Niet dat ik veel mensen ken die de weledele golfsport beoefenen zodat dit geschenk dus niet gemakkelijk aan een van mijn nonkels ofzo zal kunnen geven. Ik had dat echter heeeeeel graag gedaan. Het betreffen immers fopgolfballetjes en een toestelletje om in de hole te installeren zodat de bal er weer uitwipt. Na Tiger Woods zijn losbandige fratsen (voor wie het niet gevolgd heeft: in het huishouden Woods zit er een serieuze haar in de boter omdat meneer er nogal wat minnaressen op schijnt na te houden), zijn de golfers in de VS tegenwoordig het voorwerp van heel wat spot. Getuige daarvan deze golfballetjes en het voormelde toestelletje. Ik was er zoooo graag bij geweest als een golfer zo’n balletje tot stof en as verpulvert. Dat moet geweldig zij J!!!

dit moet toch geweldig zijn!!!

en dit ook :-)

Nummer 6, ook helemaal in tegenwoordig, is het casterboard. Casterboarden is een soort van skateboarden maar dan maar met 1 wieltje onder elke voet. Hoe werkt het? Wel, je gaat daarop staan en moet dan een soort van wiebelende bewegingen maken met de benen en dan gaat u het juist doet mooi en gezwind vooruit. Doet u het fout, dan wordt dat meteen afgestraft en gaat u eens goed op uw gezicht.

zo ziet het eruit

en zo moet het

Nummer 5 is dan weer een technologiesnufje dat bliksemsnel aan zijn opmars bezig is: het digitale boek. U ziet hier twee populaire modelletjes. Als het van de fabrikanten van deze ondingen afhangt behoort het boek binnenkort tot het verleden. Ik kan mij dat op zich niet goed voorstellen maar je merkt wel dat ze echt OVERAL beginnen te zijn. Het grappige is ook dat men sommige modellen zelfs zo goed als mogelijk een “boek-uiterlijk” probeert te geven. Ze hebben immers een leren of linnen kaft zodat het gevoel in de hand nog “boekig” aandoet. Ik zat al naast mensen op de trein met zo’n ding, op het vliegtuig, je ziet ze op Stanford als studieboek, om maar te zeggen dat het een booming business is. Wees de hype voor en verras uw dierbaren alvast met zo’n digitaal boek. 1 toestel, en dan voortaan maar andere teksten opladen, en hop u bent vertrokken voor eeuwig leesplezier.

het e-boek

ander modelleke

Nummer 4 is ne grappige en tegelijk een tragische…. Het is namelijk een pinguïn. Ik wist niet wat ik het de eerste keer tegenkwam, in nu heb ik het intussen al op drie verschillende plaatsen gezien. Er al eens over gedacht een pinguïn cadeau te doen. U gaat hiermee zeker het meest spraakmakende geschenk afleveren. De filosofie achter het geschenk is de volgende. Door het smeltende poolijs zouden deze diertjes bedreigd worden in hun biotoop. Zoals we na de top van Kopenhagen geleerd hebben, zijn ze in de VS niet zo bezorgd om het milieu en de global warming en zeker niet om het aanpakken van de oorzaken. Maar werken op de symptomen gaat er wel in. Wie een pinguïn adopteert, koopt zich het recht en de gewetensrust om een jaar naar believen co2-uitstoot te produceren. Voor wie interesse zou hebben, er zijn ook ijsberen te adopteren (daarmee koopt u zich een jaar onbeperkte uitstoot met 2 wagens en onbeperkt vliegreizen). Ook kleinere diertjes behoren tot de mogelijkheden.

schattig toch

We duiken de top 3 in met de op 1 na ABSOLUTE topper: echt overal en binnenkort dus ook in Europa: de universal remote control. De universele afstandsbediening dus. Het is een duur ding, maar beeldt u zich eens in dat u zich doorheen uw huis en uw dag met telekinetische gaven kan begeven. Precies daarvoor werd de universele afstandsbediening ontwikkeld. U kan ermee alle toestellen van op afstand bedienen, zodat u met dat ene bakje op zak geheel “in power” bent. Nog nooit zal er in huishoudens zooo gevochten zijn om de afstandbediening.

may the force be with you!

 

Nummer 2 dan: de snuggie. Het lijkt alsof ELK Amerikaans gezin minstens 1 exemplaar van dit ding in huis heeft, zodat het als geschenktip misschien te laat komt. Men kon er de voorbije maanden ook niet naastkijken. Snuggie was overal. In elk reclameblok van ochtendtelevisie over prime time tot late night. Wat is snuggie: een fleecedeken MET MOUWEN. Dat laatste is belangrijk, want dat is precies wat snuggie bijzonder maakt. ZO kan u immers blijven liggen onder het dekentje en toch pakweg een mandarijntje pellen, een peuter op de schoot nemen, breien, laptoppen, van zender veranderen met de universal remote control, kortom, alles. U zit lekker warm maar behoudt uw volle reikwijdte. Bovendien is het ONGELOFELIJK elegant in een soort van “starwars”kleed door huis te waren. De kleuren zijn ook RONUIT SCHITTEREND. U voelt het, ik ben helemaal gewonnen voor de snuggie. Oh ja, deze hoeft u niet bij mij te bestellen, want ik heb inmiddels vernomen dat de snuggie het inmiddels al tot in “De Blokker” geschopt heeft. Een terechte nummer 2 dus, gelet op het feit dat het succesproduct het al tot in Europa gemaakt heeft.

de snuggie

snuggie - 3 modellen

ideale geschenkverpakking

 

En dan de nummer 1. Ik weet niet of het bestaat in België, maar het fenomeen is hier niet meer weg te denken. Wij doen bij gebrek aan inspiratie nogal eens een geschenkbon cadeau, denk maar aan de populariteit van de bongo- en fnacbonnen. Op zich te versmaden geschenken, maar de formule kan nog geoptimaliseerd worden, dachten de Amerikanen. Vandaar, te koop in nagenoeg ELKE winkel: een kredietkaart met een bepaald te spenderen bedrag. Het summum van onpersoonlijkheid, maar eigenlijk een niet te versmaden geschenk. U zult zich afvragen of men dan niet gewoon beter geld kan geven. Dat komt inderdaad geheel op hetzelfde neer. Dat heeft u goed opgemerkt, of toch niet helemaal. Zo kost de mooie betaalkaart zelf ook 1 dollar…. 101 dollar betalen om 100 te geven…Inderdaad, dat is meer betalen om niet meer te hebben. Is dat niet het toppunt van commercialiteit? Ge moet het ze toch geven, die Amerikanen. Ze krijgen alles verkocht….

Mister Bert

Vandaag ben ik nog eens naar de bank geweest. Op zich niet meteen een vermeldenswaardige bezigheid, maar de aanwezigheid van Syed Akbar mijn Customer Sales and Service Representative maakt elk bankbezoek tot iets bijzonder. De man is immers zo incompetent dat je er niet goed van wordt. Niet alleen belt hij me nagenoeg elke week op om te vragen of ik vragen heb (ik heb hem al meermaals gezegd dat dit niet hoeft maar hij beschouwt het als service en volhardt in de boosheid), ook ontaardt elk bezoek in chaos. Ik had al lang mijn spullen gepakt bij Wells Fargo, ware het niet dat ik de instelling een warm hart toedraag. Wells Fargo was immers de bank die het allemaal mogelijk maakte voor me. Zij waren het die me de cashier’s cheque bezorgden die ik nodig had voor mijn huurwaarborg, hoewel ik geen rekening bij ze had of geen vermogen in de VS. Hun hulpvaardigheid in de begindagen van mijn verblijf, werkten bij me een soort van morele verplichting Wells Fargo steeds trouw te blijven. Bovendien is Syed Akbar, een overdreven vrolijke Amerikaan van (ik gok) Pakistaanse oorsprong, op zich niet de kwaadste, alleen ergerlijk incompetent. Werkelijk elk van zijn interventies loopt erop uit dat hij de hulp van een van zijn collega’s moet inroepen. Hij wijt het steeds aan het feit dat hij nieuw is in de bank maar nu moet u weten dat het soort van transacties die ik wens te verrichten (te weten: het openen van een rekening, het opzetten van een doorlopende betaalopdracht, het innen van een cheque en het storten van gelden op mijn rekening) niet bepaald van de meest ongewone zijn in het leven van een bankbediende. Dan mag je nog nieuw zijn, het lijken me schoolvoorbeelden van routineklusjes. Maar dus blijkbaar niet voor Syed, die misschien meer gewoon is te werken met swaps, tax shelters, aandelen en obligaties. Nu is zijn onkunde op zich nog niet zo onoverkomelijk daar ik zelf nog iets begrijp van wat er zou moeten gebeuren en voldoende kritische zin heb om mij vragen te stellen wanneer mijn zichtrekening met 2000 dollar naar beneden gaat, wanneer ik een cheque van 2000 kom innen. Ik weet gewoon dat ik goed moet opletten als hij iets doet. Zo ook vandaag, toen ik mijn cheque van het BAEF ging innen en liet storten op mijn LOPENDE rekening. In plaats van zich te concentreren op zijn job laat Syed Akbar zich steeds meeslepen door zijn enthousiasme over Californië en Palo Alto, over Lake Tahoe en wijnproeverijen in Napa Valley, over de Ocean Beaches en de rijkdom van de bankiers in San Francisco. Terwijl hij maar ronduit vertelt over hoe prachtig hij Lake Tahoe vond tijdens de Thanksgiving vakantie, onderbreekt hij steeds de arbeid om me voor te stellen aan een van zijn collega’s die voorbijkomt. Iets wat me bovendien danig op mijn systeem werkt is het feit dat hij me steeds aanspreekt en voorstelt als “Mister Bert”. Tijdens het papierwerk dat het innen van een cheque voorafgaat, vroeg hij me of ik het niet te koud had in Palo Alto, vermits hier op dit moment steen en been geklaagd wordt over de bittere koude die zich de laatste 10 dagen van de steek heeft meester gemaakt. Ik vertel de brave man dat ik in Europa wel meer gewend van dan de 7 graden waaronder de regio tegenwoordig kreunt. In plaats van voort te werken begint Syed de Amerikaanse staten op te sommen waar het nog kouder is dan in Europa: Maine, New York, Pennsylvania, Indiana, Kansas, Tennessee. (aan die laatste durf ik echter serieus twijfelen, maar om de man niet meer op dreef te brengen, verkies ik te zwijgen.) Na enige aarzeling gaat hij echter verder met Idaho, Washington, Oregon, North en South Dakota, waarop het me te veel wordt en ik zeg dat Alaska wellicht ook kouder is net als Canada en de Noordpool, hoewel daar ook mensen wonen en zeker de Zuidpool, vermits daar alleen pinguïns huizen. Ergens moet de man gevoeld hebben dat ik met al dat getalm toch niet echt opgezet was, zodat hij weer ijverig aan de arbeid gaat. Alles leek goed te gaan, tot op het moment dat hij me vertelde dat de cheque gestort was op mijn rekening. Ik vroeg hem wanneer de gelden effectief zouden vrijkomen, daar de BAEF een cheque uitgeschreven had van Chase bank en ik inmiddels uit ervaring weet dat er steeds enkele dagen overgaan, alvorens vreemde cheques vrijkomen. Syed vertelde me dat dit over een 5-tal dagen wel in orde zou zijn, waarop ik aangaf dat het niet zo veel uitmaakt, daar ik nog steeds genoeg op de rekening heb staan. Ja dat klopt gaf Syed aan, “Mister Bert, you still have 240 dollar”. Ik vertelde hem dat dit niet mogelijk was, maar dat het bedrag me wel vertrouwd voorkwam. Het was immers wat ik op de spaarrekening (verbonden aan mijn zichtrekening) had bijeengespaard. Toen ik hem vroeg of hij de gelden op de spaarrekening had gestort, biechtte Syed schoorvoetend op hij zich blijkbaar van rekening had vergist. Gevolg: de man moest andermaal een collega gaan roepen om een en ander recht te trekken, vermits hij niet wist hoe die verkeerde storting zelf ongedaan te maken.

 In afwachting van de komst van die collega had ik gelukkig nog een vraag: ik had namelijk een brief van de bank gekregen waarin me werd meegedeeld dat ik een credit card van de bank kreeg. Ik vroeg Syed of en waarom ik die zou nodig hebben, vermits ik een Europese kredietkaart heb en ik over 10 maanden naar Europa zou terugkeren. Dat was meteen het startsein voor de man om een opsomming te geven van wat je met kredietkaarten kan doen: vliegtuigtickets boeken, auto’s huren, hotels boeken, online winkelen, kerstcadeautjes kopen, credit history opbouwen om later te kunnen lenen in de VS, … Ik vertel de man dat ik dat allemaal ook kan met mijn Europese visakaart, waarop Syed zegt dat ik dan wel wisselkoersen moet betalen, waarop ik hem uitleg dat dit niet waar is, daar dit precies het eigene is van een kredietkaart: je betaalt immers steeds in de locale munt, zonder wisseltoeslag. Hoewel het me niet duidelijk is waarom dat goed zou zijn, stelt Syed me voor toch ook een kredietkaart bij Wells Fargo te nemen. Als ik hem vraag naar de kosten, vertelt hij me dat dit slechts 28 dollar per jaar kost. Daarop leg ik Syed uit dat ik geen zin heb die te betalen, als ik al het nodige al kan doen met mijn Europese kaart. Daarop verdwijnt Syed voor een gesprek met de manager om te vragen of ze mij van deze kosten niet willen vrijstellen. Natuurlijk kan dat niet, vermits ik niet bepaald Wells Fargo’s grootste klant ben in de regio van Silicon Valley. Enfin, andermaal veel gedoe. “I’m sorry Mister Bert, if I were the director of this bank, you would get this card for free.” Ik heb eens lief gelachen en gedacht: “I’m sorry mister Syed, but if you were the director of this bank, I would probably leave”, mijn morele verplichting ten spijt.

 Oh ja, Jeff, had het in no time geregeld om de gelden te transfereren van spaarrekening naar zichtrekening. Helemaal klaar dus voor de kerstkoopjes

Borders

Droeve berichten uit het thuisland, de daaropvolgende beslommeringen en een eivol en slapeloos blitsbezoek aan België weerhielden mij geruime tijd van schrijven, maar terug op Amerikaanse bodem wil ik met dit blogberichtje opnieuw aanknopen met de goede gewoonte minstens een keer per week te rapporteren over mijn Amerikaanse belevenissen. Om terug in de sfeer van Palo Alto te komen ging ik deze avond naar een van mijn pleisterplaatsen onder de locale middenstand: Borders. Amerika-kenners zullen wellicht reageren dat Borders bezwaarlijk een plaatselijk fenomeen kan worden genoemd en op zich kan ik hun natuurlijk geen ongelijk geven. Met z’n 2300 boeken- en cd-winkels in de VS levert Borders een standaardproduct en is de keten voor de meeste Amerikanen een erg vertrouwd gegeven. En toch heeft de Borders in Palo Alto iets speciaals. De boekenwinkel is ronduit reusachtig en prachtig ingericht in een oud theater (Varsity theatre), van voor de grote aardbeving van 1907 die nagenoeg heel de regio van San Francisco platgooide.

borders binnen

binnen

borders grote entrée

varsity theatre zoals het was

vervlogen tijden

Een serieuze publiekstrekker dus en dat mag ook wel. Met een tiental andere boekenwinkels heeft Borders in het boekminnende en belezen Palo Alto immers aan flink wat concurrentie het hoofd te bieden, niet in het minst van de Stanford University bookshop, ook al een mastodont van een instelling. Wie mijn weekendparcours in Leuven een beetje kent, is vertrouwd met mijn vaste zaterdagse uitstapjes naar het Paard van Troje, Bilbo (ik zal ze missen) en de Fnac, of de zondaagse stop voor een boek en een kop in de schrijnmakersstraat. Welnu, Borders Palo Alto kan je een beetje vergelijken met het boekencafe de drei coppen. Het heeft immers ook een gezellige bar op de binnenkoer waar je met een drankje literatuur kan raadplegen.

 

courtyard met terrasje

Moest u toevallig zonder verwittigen in Palo Alto arriveren en u treft me niet thuis, op de faculteit of in de koffiebar, dan zou ik eens bij Borders op University Avenue (Palo Alto’s hoofdstraat)proberen. T is maar dat u het weet.

den driehoek…

Het moest er wel eens van komen en vandaag was het dan EINDELIJK zover. Dan toch eens een blijk van herkenning zowaar, wie had dat gedacht. T kwam op een moment dat ik er al niet echt meer op gerekend had. Ik bleef komen voor de kwaliteit van het zwarte spul, voor mijn dagelijkse dosis, niet voor de hartelijke ontvangst, de korte babbel waar ik in Europa zo ervaren in ben. Hier, louter koffie voor de koffie dus. Café-, koffiebar- en restaurantpraatjes liggen me nochtans wel. Enkele vluchtige zinnetjes, een knik, een blik, een knipoog van verstandhouding met het personeel of andere habitués. Indien u dat nog niet wist: een ben een man van patronen, vaste parcours, tradities en rituelen; het soort hardnekkige klant die een paar adresjes uitkiest en die dan tot in de eeuwigheid trouw blijft en daarvoor meer dan één ommetje doet. Ik kan daar ook mijn plezier in hebben, in die vaste lijnen, de obligate stops binnen wat ik in Leuven jaren lang “den driehoek” noemde. Daar slechts een handvol intimi weten waarover ik spreek, bij het horen van die term, dringt een toelichting zich op. Den driehoek is een ruimte van hoop en al een paar Ladeuzepleinen groot en waarbinnen mijn wonen en werken, eten en drinken, lief en leed zich grotendeels afspeelden, met als hoekpunten Dekenstaat, Vismarkt en Studio’s (trouwens, doe a.u.b. iets opdat dit huis van vertrouwen niet dicht moet), en de Valk, ‘t Hogeschoolplein, Commerce en Punto en Kruimel die de ruimte verder invulden. Voor wie mij zocht, had dat zo zijn voordelen want die wist mij meestal ook binnen het kwartier te lokaliseren.

U merkt: de macht van de gewoonte is mij niet vreemd en ook niet hier in Palo Alto. Vanaf week 1 nestel ik me elke avond om half 11 in Caffè del Doge. De keet sluit om 11, wat vroeg is voor mijn doen, maar alles gaat hier nu eenmaal dicht om 11h., als ware het een avondklok uit een duister oorlogsverleden. Al weken lang zie ik dezelfde klanten op dit avondlijke uur hun koffietje na de maaltijd komen verteren. Al weken lang bestel ik nagenoeg elke avond veruit de beste (maar wellicht ook duurste koffie van Palo Alto – 3$74 (=ca.2€60.)). De Latte Macchiato Veneziano. Lekker! Romig en sterk, in tegenstelling tot de meeste Amerikaanse koffies. En dan vandaag dus toch, na bijna twee maanden volgehouden aanwezigheid een blijk van erkenning van de patron. Un Latte Macchiato Veneziano?, vroeg hij, waarop ik een sober knikje gaf, en hij de beker eens extra vol deed. Voor de nieuwkomers die na mij gingen bestellen moet het geleken hebben alsof ik hier al jaren kom. Nu weet ik het zeker: hier ben ik op mijn plaats, in den driehoek tussen de Law School, mijn appartement en Caffè del Doge.

buiten op University Avenue

cappuccino

binnen

toog

latte macchiato veneziano

 

racoontje kapoentje

Hallo daar

Vorige keer beloofde ik een Halloweenbericht maar ik permitteer me de volgorde andermaal even om te gooien. Daar is bovendien een goede reden voor die ik nu nog niet kan verraden, maar die sommigen van mijn lezers wel duidelijk zal worden eens de werkweek uit is. Te snel over Halloween berichten zou het verrassingseffect kunnen schaden, en dat wil ik te allen prijze vermijden.

Daarnaast is er nog een tweede reden om u vandaag te berichten over “racoontje, kapoentje”. Deze wat raadselachtige titel zal u wellicht niets zeggen. Bij een kapoentje weet u zich wel iets voor te stellen. Een racoontje is de meesten onder u hoogstwaarschijnlijk minder bekend. Racoon is Engels voor “wasbeer”, en nu wil het toeval dat ik er TWEE DAGEN OP RIJ enkele ben tegengekomen. En ik moet zeggen dat dat toch wel bijzonder is. Het behoren immers schichtige beestjes te zijn, die net als een paar duizend studenten en ongeveer 3 miljoen squirrels (van die “knabbel-en-babbel-eekhoorntjes”) het domein van Stanford als hun thuis hebben gekozen. De meeste van mijn vrienden hier die letterlijk op de campus wonen hadden  me al verteld dat je bij nacht en ontij wel regelmatig eens een wasbeertje  kon tegenkomen, maar dat voorrecht was tot nu toe nog niet het mijne geweest. Ik had nochtans mijn best gedaan, gelet op het feit dat ik voor elke campusactiviteit met de fiets over het hele domein moet hossen. Jullie weten immers dat ik downtown woon, en niet zoals de studenten op de campus, vlak naast de law school. Maar gisteren was het geluk dus aan mijn zijde. Toen ik rond 21h te voet op weg was naar de bushalte om naar huis te gaan, schrok me bijna een aap toen ik wachtend op de bus plots naast me een dikke wasbeer bespeurde. Ik had m eerst nog niet opgemerkt, als hij niet letterlijk op een meter van mij voor mijn neus ging zitten om me aan te kijken. Percies dat ie ook op de bus zat te wachten. En ik moet zeggen, zo’n racoon is een mooi en grappig beestje!!! Immer knabbelend op nootjes die het nu in volle herfst overal tussen de bomen kan vinden.

Ik had u wellicht niet bericht over deze voor Stanford-bewoners ordinaire gebeurtenis (pfff weer een racoon, zeggen ze hier), maar ik meldde u dus al dat het toeval wil dat ik mijn kameraad vandaag weer tegenkwam (dus 2 dagen op rij) en wel doorheen de dag, wat veel zeldzamer is.  Bovendien had de stoutmoedige kapoen een nestgenootje meegenomen met wie hij samen nootjes zat te kraken. Ik mijn gsm uit mijn tas gevist en de beestje voor u even op foto vastgelegd.

racoontje kapoentje

Wie weet kom ik de beren morgen weer tegen, want we hebben intussen wel een band opgebouwd: zo 2 keer na elkaar, telkens in dezelfde buurt. Moest dat het geval zijn, dan zal ik u daarover vanzelfsprekend berichten, want 3 dagen op rij is een campusrecord. Helemaal geweldig zou natuurlijk zijn dat die beren gezellig zitten broodjes te smeren. Dat is echt een wonder boven wonder. ik hoop dat ik u dat nog voor het einde van het jaar kan melden hoe ik erbij stond en ernaar keek.

Prettige vrije dag aan eenieder daar, met wapenstilstand.   Ik zal om 11 uur eens aan jullie denken. Doen jullie hetzelfde?

b.

 

Dienstmededeling: Drie voor half drie is half drie!

Dag beste blog-abonnees,

 Hoogtijd voor nog eens een verhaaltje uit de rubriek “het leven zoals het is…: de social security administration. Misschien waren jullie er al enige tijd op aan het wachten, want ik kondigde het eind vorige week al aan, maar met de Halloweengekte van het weekend en de mama en papa in het land (over deze beide gebeurtenissen heeft u nog een verslagje en ja, zelfs FOTO’S!!!! tegoed), is het er maar niet van gekomen er even over te berichten op mijn blog. Met twee uitgetelde ouders in dromenland, grijp ik snel mijn kans alvorens ik ook mijn bedje induik.

 Ik had dus gezegd dat mijn doelstelling voor de maand oktober erin bestond helemaal geïnstalleerd te zijn. De novembermaand die angstvallig dichterbij schoof bracht me er uiteindelijk toch toe toch ook maar de social security koe eens bij de hoorns te vatten en mij daar te gaan registreren.

 U vraagt zich misschien af waarom ik daar zo tegenop zag. Wel t is dat de social security card wel heel belangrijk is, omdat je die voor je leven hebt en voor vanalles en nog wat moet gebruiken. Geen goede deals, zonder social security nummer. Dat is de regel. Voor tal van diensten betaal je immers meer zonder social, zoals de Amerikanen het begrip in de dagelijkse omgang afkorten. Ok zal u zeggen, reden te meer daar meteen werk van te maken. Ok antwoord ik dan, maar het vervelende is dat er nogal wat onduidelijkheid bestaat over het feit of je daar als gastonderzoeker aanspraak op kan maken. Sommigen wel, anderen niet. En u moet weten dat ik ABSOLUUT bij die eerste categorie wou behoren en dus bij het voorbereiden van de aanvraag niet over 1 nacht ijs wilde gaan.

 Daarenboven staat de social security nu niet meteen bekend als de meest “klantvriendelijke” dienst. Logge administratie – lange wachttijden, vervelende openingsuren, …enfin, een ontradingsbeleid. Liever niet te veel gegadigden, want dat al die administratie, kost moeite, ziet u. Een laatste naar kantje aan de aanvraag is dat je ervoor naar Mountain View moet, en dus weer effe op de bus moet zitten en al dat gehos begint mij stilaan de keel uit te hangen. Maar ja, het moest dus, en ik had er een erezaak van gemaakt het gehos binnen de maand afgewerkt te hebben. Het werd 30 oktober, dus mijn tijd begon kort te worden. Dus ik dan toch maar goed voorbereid maar met tegenzin die bus op voor een namiddagje in een wachtzaal zitten om hopelijk met een social security nummer naar huis te keren.

 Ik kwam tegen ruim 2h aan bij het administratiekantoor van de social security. Wat somber afstompend lokaaltje in een voor de rest onpersoonlijk maar niet onfraai kantoorgebouw ergens verloren, halverwege tussen Palo Alto en San Jose. Ik kom toe, ik registreer dat ik er ben, krijg een nummertje A75 en wordt door een agent (ja de social securty is overheid en de goede gang van zaken wordt daar door een kleerkast van een agent in de gaten gehouden). De man leidt me naar loket 1 waar alle A-nummers wachten, op de stoeltjes  die er wat mistroostig voorstaan. Naast A-nummers waren er ook B’s en C’s. Ook daar een loketje en een paar rijen stoelen met wachtende mensen. Zodra een bezoeker geholpen werd (of soms ook niet geholpen, maar met een kluitje in het riet of de staat tussen de benen terug huiswaarts werd gestuurd – dit alles onder de strenge blik van de agent), riep de betrokkene ambtenaar het volgende nummertje. A 70 schalde door de ruimte precies toen ik mijn nummertje kreeg. Ik was al meteen content want zag de zaken niet zo somber in. Nu A-70, ik A-75, dat zijn maar 5 wachtende mensen voor mij- dat is prima dacht ik zo. Al helemaal content was ik toen ik zag dat de verwerking van de aanvraag voor een social security nummer (daarvoor diende het A-loket) nog geen 5 minuutjes in beslag nam. In die 20 minuutjes dat de 5 wachtenden voor mij de revue passeerden, had ik net de tijd om eens goed de gang van zaken te bestuderen. Op zich was het systeem nog niet zo slecht. Er hing een groot elektronisch bord waarop het nummer dat behandeld werd begon te flikkeren. Je zag ook de andere uitstaande nummertjes van wachtende mensen opgelicht staan. Ik was A-75 en bleek daarmee de rij te sluiten. Bij de B-rij zaten ze al aan B-324, terwijl er nog wel 20 wachtenden zaten. Bij de C-rij lag het cijfer ergens in de tweehonderen. Maar goed, voor ik het goed en wel doorgrond had, zaten we al aan A-73. Nog 1 iemand, amper de moeite om nog het juridisch artikel dat ik als lectuur had meegenomen uit mijn tas te halen. Even wachten en dan was het immers mijn beurt. Ok, daar werd nummer A-74 al geroepen. Het was nu 2.23h. Zodoende zat ik nog moederziel alleen in de rij voor het A-loket. Nummer 74 bleek ook geen lastig geval. Hij haalde zijn documenten uit zijn tasje – toonde die waarop Debby van de social security aan de slag ging op haar pc en driest te keer ging op het klavier. Ik enkele minuten was de klus geklaard. Nog even tekenen en hop, daar ging nummer A-74. Ik had amper de tijd gehad om mijn documenten op te duikelen maar zat toch min of meer keurig klaar toen de 74 rechtveerde. Dat was voor mij het startsein om alvast recht te staan (ik had A-75 en er zat buiten ondergetekende geen kat voor het A-loket). Ik geraakte echter niet tot bij Debby, want die werd door een onbekende stem voor dringender zaken weggeroepen, namelijk de half drie koffie. Ok, nu ga je mij nooit horen zeggen dat koffie niet belangrijk is, en bovendien kan ik er begrip voor opbrengen dat een mens rond 2.30h echt wel toe is aan ten tasje straffe donkere benzine, om de motor in de namiddagdip draaiende te houden. Maar, het was op de klok DUIDELIJK nog geen half drie (niet op de mijne, en ook niet op de van het elektronisch bord. Dat vertelde dat het 2.27 P.M. was. Maar nee, rits, luik dicht en daar zat ik dan. Niemand meer – moederziel alleen voor mijn rij. Loket dicht en Debby weg. Geen mededeling, niks. En daar zat ik dan. Te wachten, en wachten en wachten. Het werd 2.45h – niks, 2.50. Nog niks. 2.55, nog niks, terwijl de beambten aan de B en C-loketten maar doorgingen.

 Klokslag 3h00 schoof het luikje terug open en zat Debby’s pauze erop. Ik diende me aan en was om 3h04 al weer buiten…. Bovendien kon Debby haar loketje na die 4 minuten weer sluiten, want er waren geen wachtenden meer. Ik weet dat je daar eigenlijk niks mag van zeggen want dat er voor het zelfde geld nog iemand was binnengekomen tijdens de 3 minuten dat Debby mijn aanvraag behandelde en het arme mens zo nooit aan koffie geraakte (wat absoluut tegen mijn principes is) maar toch, maar toch… Qua klantvriendelijkheid hebben sommige overheidsdiensten toch nog wat te leren, in België, maar dus ook in de VS.

 Het goede nieuws: ik heb mijn social security nummer en het was op die mooie donderdag nog geen november – “mission installation”, volbracht dus! Laten we vooral daarop klinken!

 Tot snel voor meer over Halloween.

 Liefs

 b

die schone valk

Dag verre vrienden,

T is inderdaad een tijdje geleden. Ik ben om een of andere reden er niet toe gekomen mij eens aan mijn pc te zetten voor het verslag van de voorbije dagen. Dat is voornamelijk te wijten aan het feit dat het leven hier in zijn “normale plooi” is gevallen. Gedaan met rondgehos (althans op het regelen van mijn social security number na – maar daar maak ik deze week nog werk van!), gedaan met verkenningstochten, gedaan met introductievergaderingen en -meetings, gedaan ook met het zomerweer. Waar het voorbije weekend nog echt zomers was (dat wil zeggen echt TE warm in de zon)  is plots de herst komen invallen. T is allemaal wat killer (zeker s’avonds), al blijft het in de regel aangenaam doorheen de dag (terrasjes zijn nog altijd goed te doen, maar je moet al eens een trui of jasje aandoen). Vandaag zelfs voor het eerst ’s avonds de verwarming aangedaan in mijn flatje.

Gedaan met de excessen dus. Ik ben geheel in mijn werkritme  terechtgekomen. Lezen lezen en nog eens lezen. De voorbije week heb ik pakken papier proberen te verwerken, maar de stapel lijkt eindeloos. Heb dus nog wel eventjes te gaan…  Iets wat me tussen dat werken is opgevallen: de doorsnee Amerikaan WERKT erg lange dagen. Als de V.S. een welgesteld land is, hebben de Amerikanen dat vooral aan zichzelf te danken. Winkels open van 7 tot 22h, restaurants, bars en café’s, gesloten om 23h. Stanford Law School – bibliotheek 24 uur/24  open. Tussen middernacht en 6.30h is er wel maar minimale bezetting.  Je merkt toch wel duidelijk een contrast met Europa. Belgen of meer algemeen Europeanen lijken dan weer veeeeeel meer met het gezin, de vrije tijd en het verenigingsleven bezig te zijn. De levenskwaliteit ligt dan ook in het algemeen gesteld hoger in België, daar ben ik ook al wel achter gekomen. Amerikanen werken zich kapot, maar moeten dat ook om in hun consumptiecultuur alles betaald te krijgen. Werk is ONGELOFELIJK belangrijk voor de Amerikaan. IEDEREEN heeft hier een blackberry om constant mails te beantwoorden. En ook iedereen is ook constant aan het mailen via de gsm. Echt schrikwekkend soms.

Maar goed, terug naar de kern van mijn verhaal: ook ik ben geheel in mijn werkmodus vervallen. De omgeving is ernaar, zoals ik al zei.  Lange dagen vol lectuur. En dan thuisgekomen nog maar lezen en tussendoor nog wat klusjes voor Leuven… ik zat de voorbije week wat te veel voor de pc. Het deed me wat denken aan mijn performantere dagen aan de Leuvense Faculteit. Maar al bij al ik niet zeggen het ik het hier onaangenaam vind. Ik meen op de Valk (voor de niet-juristen onder ons: dat is de naam van de Leuvense rechtsfaculteit) ook wel mijn uren gesleten te hebben, en dan toch zeker in de late uren. Niettemin zat ik er doodgraag. In die zin lijkt Stanford op Leuven, al zijn er meer  gelijkenissen dan men zou vermoeden.

Ik vertelde u al dat de faculteit in Leuven bekend staat als “de valk”. Wel hier in Stanford Law School staat er op de binnenkoer van de faculteit een mooi beeld van Calder. Wie mij goed kent, weet dat ik erg van zijn werk hou, ook van de een prachtige stalen constructie uit 63 die de Law School geschonken kreeg om de pas gebouwde faculteit te verfraaien.

U ziet hier een paar foto’s

San Francisco & stanford 9 en 10 september 2008 389

Calder uit 1963 op de binnenkoer van de faculteit

Nog eens Calder

Nu wil het lukken dat dit beeld, dat de mascote is van Stanford Law School, een heel treffende titel heeft

ik fotografeerde voor u de vloerplaat

IMG_5624

LE FAUCON!!!!! Inderdaad, dat is schoon Frans voor “DE VALK”.  Als dat geen teken is dat Leuvenaars hier op hun plaats zijn…

tot morgen voor een verslagje van mijn uitstap naar de social security administration. Dat belooft!!!

b

U was weer geweldig dit weekend: tijd voor een klein mirakel

Ik heb een nieuwe lievelingsbuurt ontdekt in San Francisco. Geen fisherman’s wharf voor mij (niet dat dé toeristenwijk van de stad geen bezoekje waard is, maar daarover zal ik u op een andere keer eens berichten). U zal me veel makkelijker terugvinden in het stadsdeel dat bekend staat onder de naam “the mission”. De term verwijst naar de oudste wijk waar het allemaal begon voor de stad. Op de heuvel waarop thans the mission ligt, stichtte Spanjaarden ruim tweehonderd jaar geleden een missiepost die aan de heilige Franciscus van Assisi gewijd was: San Francisco, weet u wel. Tot op vandaag is de Spaanse, of beter gezegd de Mexicaanse aanwezigheid in deze buurt overduidelijk te voelen. De voertaal zou hier naast Engels even goed Spaans kunnen zijn. Zoals dat bij deze zuiderlingen past, is “the mission” ook het zonnigste stadsdeel. U moet weten dat de heuvel waarop het zich situeert een van de hoogste is van de stad en maakt dat de warmbloedige bewoners van de mission vaak nog baden in de zon, terwijl de rest van de stad onder de permanente airco (de koude zeestromingen waarover ik u vorige week vertelde, weet u nog) te lijden heeft en gesluierd achter nevel en wolken een grijze dag beleeft. Niet voor niets noemen de bewoners van San Francisco de mission de “sunbelt” (letterlijk de zonneriem).

Niet geheel toevallig neem ik u voor mijn weekendreportage mee naar de sunbelt, waar ik wel geheel toevallig terecht kwam in een waar volksfeest. Zoals dat een zondag past, was mijn namiddag katholiek geïnspireerd, wat je in een door en door Mexicaanse (en dus katholieke) wijk niet helemaal onverwacht kan noemen.

 Het epicentrum van het gebeuren was de Iglesia de Santa Maria de los Milagros, wat in schoon Vlaams zo veel betekent als de kerk van Heilige Maria der Mirakels. Toen ik zondagmiddag in de buurt kwam aanstruinen, merkte ik al snel dat er iets op handen was. Veel volk, samengepakt op de Avenida Guerrera, een van de hoofdassen van de mission. De reden van de volkstoeloop was de religieuze processie gewijd aan Onze-Lieve-Vrouw der Mirakels. Het beeld van deze vrome dame vertoeft doorheen het jaar braaf in de luwte van de kerk, maar wordt 1 keer per jaar een frisse neus gegund. Geheel toevallig maakte Maria haar ommetje op het moment dat ik mij door de mission beweegde. Daar MOEST ik dus bij zijn. Ik heb mij doorheen de menigte proberen te wringen en wist mij uiteindelijk goed centraal voor de kerk te positioneren. U ziet hier een foto van de geestelijken die net de kerk uitkwamen en van de mensenzee die op de trappen en op het grasplein voor de kerk stond. Die voor de kerk ziet u niet, maar ik kan u verzekeren dat het er veel waren en dat ik aardig heb moeten wringen om vooraan te geraken en de mensen in mijn beste Spaans heb moeten duidelijk maken dat dat belangrijk was voor de reportage die ik voor de Europese media maakte over de Spaanstalige gemeenschap in San Francisco.

wachtend vol ongeduld...

wachtend vol ongeduld...

Enfin, zoals u ziet had ik best wel een goed zicht op alles wat er zich zou gaan afspelen. In eerste instantie wist ik eigenlijk niet wat er te zien zou zijn en een tijd lang leek dat ook niet meer dan een spreekwoordelijke scheet in een fles. Na wat gedrentel en getreuzel kwamen ze er dan toch mee voor de dag: het eeuwenoud schrijn van de Santa Maria de los Milagros en ik moet zeggen dat dit het wachten waard was. Alom blije gezichten – mooi om te zien!

 

Maria op wandel!

Maria op wandel!

Ik toon u hier een fotootje van het moment dat het grote gevaarte met veel omzichtigheid de kerktrappen werd afgedragen door de uitverkorenen van de parochie. Daarbij werden er ballonnen en duiven de lucht ingejaagd. En natuurlijk was er muziek. De plaatselijke fanfare blies alsof hun leven ervan afhing en plots hield de meute halt, legde eenieder de hand op het hart en weerklonk iets wat ik later met de hulp van de omstanders als de nationale hymne van Mexico kon definiëren. Mooi, indrukwekkend – ik heb daarvan nog een filmpje waar u bij geledenheid maar eens om moet vragen. Een streepje couleur locale uit een multiculturele wereld.

Het was u misschien ontgaan, maar als u erbij was geweest kon u er niet naast kijken: de prominente aanwezigheid van een ruiter te paard, vergezeld van een dikke Mexicaan die veel weg had van de “alcalde (burgemeester)” uit de Zorro-afleveringen, een ietwat heimelijke mechante man die als notabele de teugels strak in de handen probeert te houden. Ik breng ze voor u even in close-up in beeld, omdat dit tweetal zich in wat volgt gaat ontpoppen dat het centrum van alle actie.

de ruiter en de dikke alcalde

de ruiter en de dikke alcalde

Maar ik loop vooruit op de gebeurtenissen. De ruiter symboliseert de dappere Mexicaan in de onafhankelijkheidsstrijd. U moet weten dat een heel stuk van Californië vroeger Mexicaans was, maar de grens na een conflict tussen de V.S. en zijn zuiderbuur enkele honderden kilometers naar beneden is verschoven. U hebt wellicht al gehoord over de strenge grensbewaking tussen de V.S. en Mexico, waarbij de Amerikaanse politie er alles aan doet om de Mexicaan te beletten de grens te passeren. Wel, strikt genomen staken vele Mexicanen niet de grens over, maar is de grens hen gepasseerd, op een blauwe maandag, ergens verloren in de nevelen van de tijd.

Maria op stap

Maria op stap

nog meer van dat

nog meer van dat

hier ziet u de Santa Maria de los Milagros

hier ziet u de Santa Maria de los Milagros

erg veel volk zoals u ziet

erg veel volk zoals u ziet

Bon, de stoet zette zich zoals u ziet in beweging voor Maria’s jaarlijkse wandeling in de buitenlucht. Zoals de traditie het wil was het die middag in oktober ook weer zonnig in de Sunbelt van San Francisco.

Mijn instinct vertelde mij dat er wellicht meer te zin was vooraan de stoet en ik besloot dus naar voor te wroeten door in een wijde boog om het uitgezette parcours te lopen. Dat bleek een prachtige zet. Vooraan was immers plaats en zo kon ik me een tien minuutjes later met een uitstekend uitzicht op de aankomende processie op de straathoek, bovenop de heuvelrug positioneren. De stoet was in aantocht en de ruiter met zijn begeleider gingen fier voorop. En toen gebeurde het!!! Het paard hield in weerwil van het draaiboek halt, midden op de weg en deed daar sans gêne zijn gevoeg. Ik kan u zeggen: dat was geen scheet in een fles, maar een hoooooop paardenuitwerpselen, voorbestemd om vertrappeld te worden door Maria en haar twaalfkoppige team van dragers. Een moment van paniek maakte zich meerster van de omstanders die in de mot hadden welke ramp er op handen was. De Santa Maria de los Milagros zou niet onbevlekt naar huis weerkeren maar haar voeten bevuilen. De processie kwam dichter en alles leek voorbestemd om op een rampscenario uit te draaien…

En toen gebeurde het: een mirakel!!!! In de voor de optocht pas gekuiste straten dwarrelde rechts in de goot toch een stuk krantenpapier. Dat kon geen toeval zijn. De dikke man kreeg het in de mot en zag zijn momentum in de geschiedenis gekomen, zette het met alles wat hij in huis had op een lopen (waggelen), greep het papier en stortte zich op de smosboel die het paard ervan had gemaakt. Het was niet zo gemakkelijk om vooroverbuigend erbij te kunnen, maar het lukte!!! De man greep en grabbelde, onder de dreiging van de naderende processie.

en grabbelen maar!!

en grabbelen maar!!

Met de handen vol zette hij het in al zijn koelbloedigheid op een lopen. U ziet hem hier een sprintje aantrekken richting bloemperk aan de zijkant, om daar zijn lading mest te lossen.

en hop, een sprintje  - voelt u ook de processie naderen :-)

en hop, een sprintje - voelt u ook de processie naderen :-)

Uiteindelijk moest hij dit manoeuvre enkele keren herhalen, maar het mirakel geschiedde: toen de processie passeerde was alles opgeruimd.

derde keer grabbelen maar

derde keer grabbelen maar

99,9% van de aanwezigen heeft van het hele voorval niets gemerkt. Ik kan me vergissen, maar toen ik de stoet een tweede keer zag voorbijtrekken, leek het alsof de Santa Maria even knipoogde en met een minzame glimlach op het gelaat leek te denken “San Francisco, u was weer geweldig dit weekend!”

T is al van dat…

Hoewel ik u na het weekend normaal op een editie van “U was weer geweldig” trakteer, heb ik zo-even besloten de volgorde van wat ik in gedachte had om te gooien en u eerst een ander kort berichtje voor te schotelen. U moet daar niet uit afleiden dat ik dit weekend niets beleefd heb (integendeel – t was weer schitterend, zo zal u morgen lezen), maar u moet deze maatregel zien als een vorm van optimaal time-management. Het is hier nu immers weer al na 2 uur ’s nachts en mijn weekendstory laat zich niet in 3 zinnen vertellen. Het onderstaande beeld zegt anderzijds wel veel.

T is hier al van dat!!!! Dat betekent dat we een kleine 3 maanden in de kerstellende gaan zitten - pffff, veeeeel te lang!

T is hier al van dat!!!! Dat betekent dat we een kleine 3 maanden in de kerstellende gaan zitten - pffff, veeeeel te lang!

Inderdaad – ze doemen stilaan overal al op: kerstbomen en jingle bells muziek. Mensen die me wat kennen weten dat ik daar allemaal niet zo voor ben, en zeker niet meer dan 2 weken voor Kerst. Ik ga hier echt op mijn tanden moeten bijten, denk ik. Bovendien komt volgende week halloween eraan, ook al zo’n gedoe. Daarover bericht ik ongetwijfeld nog.

Lieve mensen, doe me een plezier als ik eind november even naar België terugkeer: wacht tot erna om een kerstboom te zetten.

Tot morgen

bert

Triomf

Wie “De avonturen van Bertje in Amerika” een beetje gevolgd heeft, weet dat ik het een tijdje geleden aan de stok kreeg met Comcast, het nutsbedrijf dat me naast internetdiensten, ook telefonie- en televisie, een fitnessabonnement, een online supermarkt enz. probeerde aan te smeren. U heeft wellicht gemerkt dat ik in de tussentijd nog enkele tekstjes op mijn blog postte, zodat u daaruit hoogstwaarschijnlijk ook afleidt dat ik intussen internet heb. Inderdaad, dat is ook het geval. Ik heb niet alleen internet op de universiteit, waarover ik u eerder berichtte, maar ook bij mij thuis. Dat is voor de blogberichtjes, het skypen met het thuisfront, mijn gefacebook, kort gezegd alle persoonlijke zaken ook noodzakelijk, vermits alle niet-werkgerelateerde zaken op het netwerk van Stanford strikt genomen verboden zijn. Ik weet wel dat de meeste studenten dat toch doen, maar het leek me beter me daar toch maar aan te houden, alvorens ze ook moeilijk zouden gaan doen over het feit dat ik de helft van de tijd op KU Leuven websites rondsurf.

 

Thuis internet dus. Dat is er zoals u herinnert niet zo maar gekomen. Ik heb het met veel geploeter al ruim een week, maar ik verkoos het u niet meteen te melden. Ik had zo immers het gevoel dat mijn strijd met Comcast nog niet ten einde was, ofschoon ze een en ander waren komen installeren en alles ook naar behoren werkte. Gisteren echter was een dag van totale triomf over de Comcastbandieten. Vandaar dat u vandaag van mij, nog steeds in de euforie van de overwinning, het vervolg van het comcastverhaal krijgt. Ik verwittig u nu al: het verhaal kent een goede vrolijke afloop, al het geploeter ten spijt.

 

OK we keren terug naar het punt dat ik na een klein uurtje telefoneren internet probeerde te bestellen en dat uiteindelijk telefonisch niet mogelijk bleek (hoewel mij eerst was gezegd dat dit geen probleem ging zijn), omdat ik geen kredietwaardigheid heb bij een Amerikaanse bank en geen social security number, dat de verkopers toelaat te checken of ik een wanbetaler ben.

 

De trut aan de telefoon zei me dat ik me moest begeven naar Foster City, om daar in de Comcastwinkel met een verkoper een contract af te sluiten en meteen vooraf mijn internetabonnement moest betalen. Ik dacht al dat er iets niet klopte, en ja dat bleek ook het geval. U moet weten dat Foster City meer dan 2 uur verwijderd is van Palo Alto. Een dergelijke verplaatsing met het openbaar vervoer is, ik kan u dat verzekeren, niet om te lachen. Zeker niet in Californië. Als er nu nog eens iemand komt vertellen dat het Belgisch openbaar vervoer op niets trekt, dan ga ik daar toch eens een ferme repliek op geven en vertellen dat ze beschaamd moesten zijn. Belgen klagen over treinen die 7 minuten vertraging hebben, terwijl er 3 per uur rijden. In Californië heb je er 1 per uur en die is niet klokvast. Soms wel, soms niet. Ok wachten in de zon is leuker dan in Belgische regen. Heel wat plaatsen zijn niet met trein of bus te bereiken. Uit mijn periode in Frankrijk onthoud ik vooral openbaar vervoer in staking en op sommige lijnen 2 treinen per dag als je door het binnenland moet reizen. Parijs is een ander verhaal. Beter openbaar vervoer dan Parijs bestaat wellicht niet, niet in San Francisco, niet in Brussel, niet in Londen, niet in Rome of Barcelona, niet in Berlijn of Wenen, niet in New York, nergens voor zover ik weet. Maar goed we dwalen af. Ik voel dat het openbaar vervoer goed is voor een “transport special”, die ik een van de komende weken eens zal schrijven.

Foster City dus. “Niets van”, dacht ik, dus ik belde de volgende dag naar het algemeen comcast-nummer dat ik snel op de pc van Stanford had opgezocht. Wat bleek, Comcast had ook een vestiging op een klein uurtje bussen van Palo Alto (in Sunnyvale), wat toevallig wel goed met openbaar vervoer te bereiken is. Ok ik daarheen en alvorens te vertrekken legde ik mijn geval uit en vroeg toch nog eens of ik als buitenlander daar wel geholpen kon worden. “Jazeker”, zei de dame. U moet wel uw paspoort meebrengen en uw visum. Daar gaan ze dan kopietjes van nemen en aan mijn dossiertje toevoegen. Ik had immers al een dossiernummer zei de dame, sinds mijn poging internet over de telefoon aan te kopen. Dat klopte, de verkoper had me inderdaad mijn dossiernummer meegedeeld. Ok, ik gerustgesteld en op weg naar Sunnyvale.

 

Na een uurtje in een volle, oververhitte bus kwam ik aan op het industrieterrein van Sunnyvale. Ik heb daarop dan nog een kwartiertje rondgedwaald om te zien waar de comcastvestiging was en hoera, die uiteindelijk ook gevonden!!!

Ik daar binnen en leg mijn geval uit, toon mijn paspoort, visum enzo en zeg de man een en ander aan mijn dossier toe te voegen. Ik toon mijn dossiernummer, waarop de kerel vertelt dat hij me niet kan helpen, vermits dat dat dossiernummer toegang geeft tot de telefonische aankopen en niet tot de dossiers van klanten die in de winkel aankopen. Hij stelde me voor dan maar gewoon bij hem te kopen, zij het wel dat het dan driedubbel zo duur was. 19,99 dollar per maand tegenover 58. Ik dacht dat ik uit mijn vel sprong. Ik dus in een collère de winkel uit en teruggebeld naar de trut van de telefonische dienst om haar duidelijk te maken dat dat niet om te lachen was: een mens met de bus naar Sunnyvale sturen, terwijl ze u daar ook niet kunnen helpen. Ik kreeg een vriendelijke heer aan de telefoon, een eerste echt competente mens bij comcast. Die begreep mijn misnoegdheid en ging alles over de telefoon voor mij regelen. Na een tien minuten op een wachttoon te hebben gestaan, kwam hij terug aan de lijn en zei dat hij alles kon regelen, maar wel aan de prijs van 58 dollar. Ik heb toen gezegd dat ik comcast niet meer wilde omdat het ronduit schandalig is de manier waarop ze buitenlanders behandelen. Ik legde de kerel als jurist uit dat hun politiek discriminerend is. Buitenlanders kunnen internet kopen, maar zij betalen 58 dollar, terwijl Amerikanen 19,99 betalen. Smeerlappen! Ok de man begreep andermaal mijn misnoegdheid en heeft toen alles maar geregeld en mij bij uitzondering toch het tarief van 19,99 gegeven.

 

Twee dagen later komt Darrell, een boom van een zwarte man (wel 2 meter) de handel installeren. Hij doet daar erg lang over, want hij was zijn juiste tang vergeten. Hij had 235 tangetjes bij, maar het juiste zat er precies niet tussen, dus moet hij de brave man terug naar…..inderdaad Sunnyvale. De aansluiting ging maar even duren. Ja, tarara!!! Niks van. Darrell was om 9 uur bij mij en was om iets voor 12 terug buiten. Ondertussen begon ik het vooral lachwekkend te vinden (berustend in de absurditeit van de hele toestand) en de pret kon niet meer op toen Darrell met zijn Comcast-camionetteke op zijn weg naar Sunnyvale voor het tangetje, toen hij moest draaien op de parking achter mijn huis, tegen een van de palen van de carport van een van mijn buren reed en het begaf. Darrall in paniek, madammeke boos, camionetteke gedeukt en 1 onpartijdige getuige bij dat alles. U mag een keer raden wie J. Ondergetekende bevond zich plots in een heel andere rol, daar de Comcastman eindelijk eens iets van MIJ nodig had. Ik heb dan maar verklaard dat ik gezien heb dat het om een echt ongelukske ging en Darrell echt niet met opzet als ne zot in volle vitesse op de carport van de buurvrouw was ingereden.

 

daar op de hoek stond eens ook een paal - en toen kwam Darrell...

daar op de hoek stond eens ook een paal - en toen kwam Darrell...

Bon, Darrell content, Comcast content en ik….. ook content. Internet werkt. Ik verkoos het verhaaltje nu pas te posten, daar ik gisteren mijn eerste factuur vond van Comcast. En ja hoor, ik betaal 19,99. De normale prijs voor de aansluiting door de technieker is 79 dollar. Die zou er de eerste maand bijkomen. Ok daar kon ik mee leven. Maar om een of andere reden is die van mijn factuur verdwenen. Als dat geen triomf is!

Volgende pagina »